Een plaats die pas na 1950 hard groeide
Drachten telt 45.942 inwoners en is na Leeuwarden de grootste plaats waar wij werken. Het bijzondere is hoe jong de bebouwing is: de groei begon met de komst van Philips in september 1950, waarna het ene uitbreidingsplan op het andere volgde.
Verreweg de grootste groep panden komt uit 1950 tot 1970: ongeveer 6.074 stuks, verspreid over De Wiken, De Bouwen, De Trisken, De Drait en De Folgeren. De tussenwoning is met ongeveer 7.619 adressen het meest voorkomende type. Alleen langs de Drachtstervaart en in het centrum staat oudere bebouwing, van handelaren die zich daar vanaf de zeventiende eeuw vestigden.
Waarom een klus in Drachten meestal vlot loopt
- Standaardplattegronden In de wijken uit 1950 tot 1970 lijken de woningen sterk op elkaar. Wie er tien heeft gedaan, weet waar de leidingen lopen.
- Ruimte voor materieel De naoorlogse wijken hebben brede straten en veel groen. Een container op de oprit of in een parkeervak is er zo geregeld, anders dan in de Friese binnensteden.
- Minder ritten Omdat er een grotere bak past, kan het puin vaker in een keer weg. Dat scheelt afvoerkosten en overlast.
Asbest zit hier in bijna de hele voorraad buiten het centrum
Asbest was tot 1994 toegestaan. Omdat de kern van Drachten uit 1950 tot 1970 stamt en de uitbreidingen uit de jaren zeventig en tachtig ook nog in die periode vallen, is een asbestinventarisatie hier eerder regel dan uitzondering. We treffen het aan in gevelbeplating onder de kozijnen, in asbestcement schoorsteenkanalen en in golfplaten op schuurtjes en garages.
De kosten: €950 tot €1.850 aan begeleiding plus €22 tot €115 per m2 sanering. Hechtgebonden golfplaat op een schuurdak zit aan de onderkant, materiaal binnen in een bewoonde woning aan de bovenkant.
Werkgebied rond Drachten
Wij werken vanuit Leeuwarden in heel Friesland. Vanaf Drachten rijden we ook naar de plaatsen eromheen, dus een klus net buiten de kom valt binnen hetzelfde tarief.
Afgegraven veengrond onder de wijken
Drachten is ontstaan als veenkolonie. Vanaf 1641 groeven de Drachtster Compagnons het hoogveen af voor turf, met de gegraven Drachtstervaart als ruggengraat. Wat er nu ligt is grotendeels afgegraven en weer opgehoogde grond. Bij de opname lopen we daarom drie dingen na:
- Zettingsverschillen tussen percelen zijn hier niet ongewoon, dus bestaande scheurvorming is niet altijd nieuw. Dat leggen we vooraf vast met foto's.
- Funderingen zijn per bouwperiode anders uitgevoerd, wat uitmaakt als er een draagmuur uit gaat en de last op twee punten komt.
- Trillingen vragen extra aandacht dicht op een belendend pand.

